☰ Extra

Het winkeltje van Yvonne Teele gesloopt

Rita Peckelbeen

Het woonhuis op de hoek van de Pepersstraat/Albertlaan werd eind 2022 afgebroken. Het oude winkeltje van Yvonne Flama uit mijn jeugdherinneringen. Mondelinge getuigenissen hielpen een stukje dorpsgeschiedenis te achterhalen. De familie Luc Flama-Christiane Vanhulle vertelde ons veel meer dan enkel de geschiedenis van tante Yvonne. Luc putte daarvoor ook uit het familieverhaal van Rene Flama (1920-2011). Roland Schils gaf ons toegang tot het gemeentelijk archief. Dit artikel zijn we hen schatplichtig. Waarvoor onze dank.

Een duunewegel in het Dorp wordt Pepersstraat

Op zijn kaart van de eerste helft 18e eeuw duidde Maurice Coornaert de Pepersstraat aan als een landwegje, een voetpad. De duinenzandwegel sloot aan of was deel van een kerkwegel (wat we nu een trage weg zouden noemen) die de bewoners van Het Kalf (toen nog Oosthouck) en de Maegere Scorre naar de Sint- Margarethakerk en het Dorp bracht.

Het kleine straatje werd naar een bewoner genoemd. In het Register van het Brugse Vrije en de Parochierekening kwam men al in 1696 Andries Pepers tegen. Andre D'hondt verwijst naar Joanna Pepers (Knokke, 18/10/1838) die er woonde. Zij is alvast vermeld in het bevolkingsregister 1847-1855 als dochter van Leonardus en Maria Monteville. Uit Van Polderdorp tot badplaats weten we dat haar zuster Rosalia werd geboren op 29 april 1834. In de volksmond werd de duunewegel de Pepersstraat, die doorliep naar de latere Garre van Konee (restant rechtover MAAK in de Sebastiaan Nachtegaelestraat). In de Pepersstraat was een kleine aftakking in de richting van de huidige Albertlaan: het Zwijgertje, waar de muren niet vertelden wat ze in de maneschijn te horen en vooral te zien kregen. Het Zwijgertje kwam uit rechtover het Alowiestje, later de oude brandweerdepot in de Albertlaan. Ook dit gebouw werd eind 2022 afgebroken.

In Rond de Poldertorens schreef Valeer Cosyn dat in 1907 een lijst met straatnamen was opgemaakt. De Pepersstraat stond in die naamlijst, met vermelding van de toenmalige bewoners. Was degene die de lijst opmaakte een ambtenaar, een veldwachter, een bagagebezorger of misschien een brievenbesteller?

Blijkbaar was het korte stukje Pepersstraat al gekasseid op het moment dat de Albert- en Pierslaan nog zandwegels waren. Waar kon dat mee te maken hebben? Het werkvolk, allemaal kasseiers uit Eernegem die hier eind 19e eeuw aan de wegen werkten en kasseiden, waren op logement op zolder bij Wantje (Joanna- Theresia Beernaert) in het estaminet De Spander in de Pepersstraat. Andre D'hondt kon dit stukje mondelinge geschiedenis uit de mond van Alfons Billiau (zoon van Joanna) in zijn Dagklappers noteren. Joanna Beernaert, weduwe van Lodewijk Neyts en Leonardus Billiau stierf op 23 juli 1931.

Tante Yvonne Flama (1916-2001) en haar kruidenierswinkel

Yvonne werd geboren te Knokke op 19 april 1916, als dochter van Gustave Flama (1883-1956) en Sannerie D'Hondt (1882- 1959). Yvonne woonde samen met haar ouders en broers in de Pepersstraat 6, naast haar grootouders Leopold Flama (1857-1933) en Anna Debouver (1853-1940).

Rechtover het gezin woonde weduwe Joanna Beernaert in De Spander. Later samen met bakker Stanis D'Hoedt en Philomena Neyts. Naast De Spander woonde het gezin van meester-kleermaker/barbier Lodewijk Neyts - Rosalie Meysman in De Schare. De Schare paalde aan de (latere) hoekwinkel Flama.

Metsers, timmerlui, bakker, kolenhandelaar, spoorwegbeambte, telegrambesteller, tramontvanger, vroedvrouw, plakker, een hotelier en zelfs welstellende families uit het binnenland met een tweede verblijf,... ongeveer alle beroepscategorieen waren in de korte Pepersstraat te vinden. Maar de meesten hadden naast hun hoofdjob ook nog een zomerjob.

Vader Gustave Flama kocht op zeker moment het hoekperceel Pepersstraat/Albertlaan van Hector Bassens. Op 16 maart 1926 werd een Ontwerp voor het bouwen van een huis voor Mijnheer Gustaaf Flama op zijnen eigendom gelegen hoek Albertlaan en Pepersstraat ingediend. Het bouwplan werd al op 20 april 1926 door de stadsbouwmeester en het College van Burgemeester en Schepenen goedgekeurd. Enkel het gevelplan konden we terugvinden in het gemeentelijk archief.

Gustave en zijn gezin verhuisden vermoedelijk nog tijdens de jaren '20 naar hun nieuwe eigendom. Een adresverandering binnen de gemeente werd toen niet altijd genoteerd in het bevolkingsregister. In de boeken 1930-1947 staat het gezin ingeschreven in het hoekhuis op Albertlaan 10.

Sannerie D'Hondt baatte er de kruidenierswinkel uit. De hardwerkende, sociale en zeer gelovige vrouw kreeg het verlies van vier van haar jonge kinderen te verwerken. Op zondag trok ze naar de mis van 6u om daarna klanten/kerkgangers te ontvangen voor het ontbijt. Tijdens het seizoen werkte Sannerie in het Grand Hotel van de familie Van Bunnen. Daar heeft ze misschien haar voorliefde voor hoeden opgedaan. Ze had er meerdere exemplaren in haar collectie "waar ze zot van was" (dixit Luc). 

2026 01 30 145143Sannerie D’hondt

In 1927 bouwde Gustaaf Van Renterghem in de Albertlaan (loodrecht op de Pepersstraat) een groenten- en fruithandel.

Zijn zonen zetten de zaak verder tot de stopzetting 1991. Het gebouw werd een opslagplaats tot de eeuwwisseling.

Dominique Desimpel vond er toen de nodige ruimte voor zijn tegelhandel.

In 1933 kocht Gustave Flama De Spander van de in 1931 overleden weduwe Joanna Beernaert. Hij had bijkomende bergplaats nodig voor zijn groeiende kolenhandel en de nieuwe diversiteit aan kolen.

De winkel Pepersstraat/Albertlaan 12 werd op het einde van de oorlog flink beschoten. De woning had geen kelder en Gustave,

Sannerie en Yvonne brachten de nacht door in de kelders van uurwerkmaker Stanislas Cafmeyer in de Albertlaan 3. Tijdens die nachtelijke beschietingen werd het dak van het hoekhuis/winkel en een groot deel van de eerste verdieping verwoest. In de gevels van villa Hector en Regina (nu Albertlaan 15) zijn eveneens ook nu nog kogelgaten zichtbaar.

Door hulp van de gemeente werd de getroffen familie Flama ondergebracht in het hotel Broadway (Zandstraat). In de kelders zaten daar eveneens uit het Duitse leger gedeserteerde Polen.

In het gemeentelijk archief was niets te achterhalen omtrent de oorlogsherstellingen. We kunnen niet uitsluiten dat bij het herstel van de woning wijzigingen aan het oorspronkelijke grondplan gebeurden.

Na WOII baatte Yvonne de winkel (officieel Albertlaan 12) van haar ouders verder uit. Zij was na haar studies ook al ingeschakeld als hulp bij moeder Sannerie. Yvonne bleef ongehuwd. Neef Luc herinnert zich dat tante Yvonne graag een mooie man van goede komaf had willen huwen. Het was duidelijk dat ze een welbepaalde man op het oog had.

Yvonnes winkel betrad je via de deur op de hoek van Pepersstraat/Albertlaan. Een belletje ging over en je hoorde Yvonne sloffend aankomen. Je zocht je een weg naar de toog, tussen de zakjes klaarstaande kolen (overwegend aan de linkerkant van de winkel) en zakjes klein hout. Een turkooisgroene deur ging links achteraan open en een bleke (tamelijk streng kijkende) dame kwam achter de lange toog staan. Yvonne had een lui oog maar droeg geen bril. Haar grijze haar werd achteraan samengehouden door een grote haarspeld.Yvonne Teele droeg niet altijd de nieuwste kleren. Dan was Yvonne Teele een dame. Het opschrift boven de herberg van haar grootvader Leopold in de Teele verkoop met halve en hele bleef in de volksmond hangen.

2026 01 30 145204Het hoekpand na de beschietingen van oktober 1944.

De familie Flama werd Teele.

In Yvonne haar ouderwetse winkeltje stond de tijd stil. Spijtig genoeg zijn geen foto's van het interieur beschikbaar. We wagen een poging tot beschrijving. De winkel had nog een deur in de Albertlaan. Niet voor de klanten! De klant zou anders achter de toog staan, in plaats van ervoor. In de Albertlaan was ook een venster met een kleine vitrine. Bij felle ochtendzon zette Yvonne eerst twee metalen dragers open en liet dan het zonnescherm neer. "In die vitrine lag zeker een bol kaas. Yvonne had maar een soort kaas, maar ze was wel erg lekker" verzekerde ons nicht Christiane. Ook in de Pepersstraat was een raam met een kleine vitrine.

Op de toog stond een witte emaillen toonbankweegschaal met wijzerplaat en een snijmachine voor de kaas. Daarnaast ook nog oudroze inpakpapier, kartonnen dozen met o.m. gerookte haring, bokalen,.. Tegen de muur eenvoudige turkooisgroene houten schappen en rekken. Daarop kruidenierswaren, thee, zout, suiker, conserven, fluwelen linten, kaarsenvet, vliegenvangers (lint met lijm), mottenballen, muizenvallen, lucifers, sunlightzeep, zwarte borstels. De schoolgaande jeugd kon er kalissestokken (zoet hout), zwarte munten (Belga's) en andere spekken kopen. Die waren tentoongesteld in glazen potten.

De winkel baadde vaak in een schemerduister en werd verlicht door een peerlamp van 25 watt, onder een witte opaal glazen lampenkap. Het schaarse licht was in de winter onvoldoende om de grammen op de weegschaal af te lezen. Yvonne loste het eenvoudig op: ze ontstak een lucifer om het juiste gewicht af te lezen.

Mijn grootmoeder Emma kocht er zaken die elders al lang niet meer of moeilijk te vinden waren: o.m. petroleumlampen, de bijhorende wieken en petroleum, verpakte briketten, klompen (kloefen), glazen stolpen, stenen pijpen en stoffen koffiezakken om te bevestigen in de koffiekan (voorloper van de papieren koffiefilters). Die koffiezakken stuurde mijn grootmoeder zelfs op naar een kennis in Engeland.

Christiane haalt volgende anekdote aan:

"Yvonne legde soms met ongewassen handen de bol kaas op de snijmachine, sneed er de nodige sneden af, nam die in haar handen, slofte naar de weegschaal, legde de kaas op de weegplaat, woog en verpakte daarna de kaas. Het kon perfect dat ze vooraf al een zakje kolen in de handen had gehad, of daarna haring uithalen, briketten inpakken ... allemaal zonder de handen te reinigen of te wassen".

2026 01 30 145217Tekening van de Pepersstraat met op de achtergrond de kerktoren
Noordkant: hoekwoning Flama + betonnen plaat en poortje - lage woning De Schare (afgebroken in 1974) - lage woning In de Spander (anno 2023 bouwval) - woning (plat dak) met garage ernaast - lage dorpswoning met zadeldak evenwijdig aan de straat 1 en 2 (vier bomen aan straatkant) - huis Zuidkant: betonnen platen (nu hoekwoning met op verdieping aan Albertlaan een terras.

Rene Flama (1920-2011) was als uurwerkmaker ook korte tijd in het hoekpand te vinden. Klanten kwamen bij hem in een kleine werkruimte terecht, via de deur in de Albertlaan en een stukje blinde gang. Rene Flama huwde op 29 april 1950 te Maldegem met Simona Verstringe (Maldegem, 03/11/1923). Zij kregen drie kinderen: Greta (Knokke, 34/03/1951), Geert (Knokke, 09/11/1953) en Marijke (Knokke, 18/11/1954). Pas op 12 augustus 1955 verhuisden ze (officieel) uit de Albertlaan 12 verhuizen naar Albertlaan 38. Op 10 februari 1965 werd de horloge- en juwelierszaak overgebracht naar de Lippenslaan. Zoon Geert zette de zaak verder tot het pand verkocht werd om plaats te maken voor nieuwbouw (nu Lippenslaan 90).

Yvonne bleef alleen in het woonhuis met winkel. Dagelijks kwam haar broer om 6u 's morgens op de venster kloppen. Hij controleerde op die manier of alles o.k. was bij tante Yvonne. Zijn en haar werkdag konden beginnen: voor hem in de kolenhandel in de Pepersstraat; voor haar in haar huishouden en winkel. Op zondagmiddag was ze altijd uitgenodigd bij een van haar broers om samen met hun gezin te middagmalen en koffie te drinken. Daarna hield Yvonne haar zeldzame wandeling.

Begin jaren '80 begon ze minder in te kopen bij haar weinige leveranciers, de voorraad slonk geleidelijk, ze bolde uit en de winkel sloot in 1984/1985. Yvonne bleef zuinig verder leven en koos voor een langdurig verblijf in het Rustoord Onze-Lieve-Vrouw-van-Troost. Ze werd er trouw bezocht door haar familie. Zij stierf op 6 maart 2001.

In 1987 kocht Dirk Pruuost het hoekhuis en verbouwde het grondig. Dat was ook nodig. O.m. de stroomvoorzieningen waren slechts voorzien op 2400 watt, wat toen voor zijn gezin ruim onvoldoende was. De w.c. was nog buiten op de koer en in een kleine ruimte tussen woonkamer en een keuken stond nog een pompbak met pomp. Naast het keukentje was nog een kleine bergplaats. Voor keuken en bergplaats was een open ruimte met het toilet, aangesloten op een gemetste beerput

Slechts enkele lokalen in het woonhuis hadden een gasconvector. Dirk Pruuost schetste voor ons een grondplan van de woning anno 1987. Op de verdieping waren slaapkamers. Onder het dak was er nog een ruime niet geisoleerde zolder.

2026 01 30 145238Grondplan gelijkvloers Links naast de winkel was in de Pepersstraat een inkomdeur. In de gang met trap naar de eerste verdieping leidden twee deuren aan de rechterkant naar een voorplaats/salon met daarachter een zitplaats/eetkamer. Aansluitend een doorgang naar keuken en een bergplaats, met een koer ervoor.

Na 30 jaar drongen zich nieuwe werken op. Een betaalbare en toekomstgerichte renovatie voor de 100 jaar oude woning was niet haalbaar. Een energiezuinige woning die voldeed aan alle wetgeving, stedenbouwkundige voorwaarden en eisen van hedendaags comfort was onmogelijk en leidde tot de afbraak eind december 2022. Bij de afbraakwerken werd nog een grondwaterput met ringen ontdekt op de koer van de vroegere woning. Daar had vermoedelijk nog een pomp gestaan.

Getuigenis

Luc Flama en Christiane Vanhulle, december 2022 en februari/maart 2023

Bibliografie

  • Maurits Coornaert: Knokke en Het Zwin, pg. 368 en p. 404 Andre D'hont: Dagklapper uit Knokke I, pg. 162
  • Andre D'hont: Dagklapper uit Knokke II, pg. 202-203, p.204, pg 208-209, p.241
  • Danny Lannoy: Van Polderdorp tot badplaats, pg.42
  • Danny Lannoy en Frieda Devinck: Knokke, de jaren '50 pg. 27)
  • Gemeentelijk archief: bevolkingsregister register 1910-1919 boek 4/77 en 78, register 1920-1929 boek 5/896 en 898, boek 7/1384; register 1931-1947 boek 12/1730 en 1778, register 1948-1960 boek 9/1269
  • Gemeentelijk archief, bouwplan 697 (1926)                                   

( In Deel II komt de familie Flama aan bod)

Het winkeltje van Yvonne Teele gesloopt

Rita Peckelbeen

Cnocke is Hier
2023
60b
003-007
BV
2026-03-03 10:54:37